Het begin
De mensen hebben lang geprobeerd een voertuig te bouwen dat de mens met eigen kracht kan voortbewegen. De geschiedenis van de fiets begint bij Karl von Drais in 1816. Hij bouwde als eerste een bestuurbare loopfiets, die naar hem "draisine" werd genoemd. Voordien waren al loopfietsen gebouwd, maar die waren niet goed bruikbaar, omdat je het voorwiel niet kon draaien. De eerste loopfiets van Von Drais was een log en zwaar houten vehikel. Hij woog vijfentwintig kilo en had een houten zitbalk. Met een soort handel kon je het voorwiel draaien om te sturen.
Von Drais, houtvester van beroep, had al meer uitvindingen op zijn naam staan en verwachtte met zijn loopfiets succes te zullen hebben. Hij reisde er verschillende Europese landen mee af en ging er zelfs mee naar Zuid-Amerika. Een succes werd het echter niet. In ieder geval niet voor Von Drais, die geheel aan lager wal raakte. De "draisine" werd wel in veel landen, soms met toestemming van de uitvinder, nagebouwd. In Engeland ging de wagenbouwer Denis Johnson loopfietsen bouwen, die hij "hobby horses" noemde. Met de -overigens nog bescheiden- fietsrage werd de spot gedreven. Je op twee wielen al lopend voortbewegen werd gevaarlijk geacht, ook al was de loopfiets voor de meeste gebruikers niet meer dan een stuk speelgoed.